Speeltijd
Zelf ben ik die fase van veel te hoge eisen wel doorgekomen. Tekenen was leuk en ik oefende om het leuk te houden. Krabbelen in de rand van mijn cursussen, prentjes kopiëren uit strips die ik mooi vond, instructie volgen uit boeken over animatie, ... Tot het punt dat ik er ook bewust een centrale rol aan besloot te geven in mijn leven.
Soms krijg ik nog de vraag: "Jij kan toch super goed tekenen, waarom doe jij daar niets mee?" Wat vertaalt naar: waarom ben je daar nog niet rijk mee geworden? Ik doe er namelijk veel mee: ik amuseer er mij mee, ik leer het graag aan anderen, ik toon wat ik maak en praat er over, ik verdiep mij in hedendaagse ontwikkelingen, ... maar in eerste plaats uit persoonlijke interesse en niet zozeer voor commerciële doeleinden.
Tekenen moet voor mij leuk blijven. Commercieel tekenen zet dit aspect al eens onder druk. Die persoonlijke tijd staat vaak onder druk. Hoe meer (en langer) werken, hoe beter lijkt de teneur. Al merk ik een kentering bij sommigen, algemeen ligt de focus zeer sterk op inzetbaarheid. Spelen wordt veelal gezien als tijdverlies.
In de creatieve sector is spelen vanzelfsprekend. Het vormt zelfs de kern van de activiteit. Dan bedoel ik het zoeken naar een oplossing buiten bestaande kaders, aan de haal gaan met allerlei opvattingen, taal vervormen of in de huid van een al dan niet fictief personage kruipen. Het vraagt allemaal veel fantasie en toewijding aan het vak om anderen hiermee in beroering te brengen.
Zonder speeltijd is vernieuwing onmogelijk. Spel heeft namelijk geen voorbestemde uitkomst, werk wel. Rob Martens geeft in zijn boek "We moeten spelen" het leuke voorbeeld van de uitvinding van de pijl en boog.[3] Niemand bedacht plots een pijl en boog uit te vinden. Doordat er een slimmerik met de materialen speelde, kwam die tot een oplossing. Zo verliep elke technologische ontwikkeling.
Terug naar het begin
Wat heeft dit nog te maken met krabbelen? Wel, krabbels zijn de beeldende materialen van een tekenaar. Het is door daarmee te spelen dat je tot iets interessants komt. Zodra je bewust gaat sturen in de spelregels, kan je tot leren komen. Probeer bijvoorbeeld dezelfde krabbel eens in een andere houding te tekenen. Wat is de zachtste lijn die je kan zetten? Hoe ziet een lijn er uit wanneer je heel hard duwt?
Verken nieuwe bewegingen of houdingen en ontdek eigenschappen die je op voorhand niet had kunnen bedenken. Ondertussen zorg je onbewust dat bepaalde bewegingen in de pols en vingers zitten. Eens je de ontdekkingen dan wil inzetten om een bepaald effect te tekenen, gaat dat als vanzelf.
Eind 2023 bezocht ik de expo in het Museum Plantin-Moretus. Krabbelaars van de bovenste plank. Er werden schetsen getoond van oude meesters als Bruegel die nauwelijks meer waren dan drie soepele krabbels en toch een landschap toonden. Nu hangen deze in onze musea, maar toen waren die schetsen niet te koop. Dat was hun speeltijd.